Arabische journalisten maken gehakt van holocaustontkennende Ahmadinedjad
Middle East Media Research Institute
Vertaald door Bernadette de Wit
Illustratie: Mirjam Vissers
‘Haatzaaiers’ en ‘vijanden van de vrijheid’. In gepeperde bewoordingen schreven journalisten in Iran en de Arabische wereld over een congres Teheran waar de nazistische jodenvernietiging werd ontkend. Dissidente stemmen uit een onvrije cultuur.
Was dit wel een wetenschappelijk congres? Allerminst, volgens de Engels-Arabische journalist ‘Adel Darwish. Op 16 december schreef hij in het Londense dagblad Al-Sharq Al-Awasat dat het ontkennen van de holocaust een diplomatiek rampzalige zet was: ‘De extremistische president van Iran [Ahmadinedjad] mag dan propagandapunten hebben gescoord op de haatzaaiende satellietzenders, maar diplomatiek gezien heeft hij zijn land alleen maar schade berokkend. Iran gaat wat betreft buitenlandse politiek door een moeilijke periode. Hij heeft ook het imago van moslims beschadigd door een politiek-cultureel klimaat te scheppen waarin de menselijke kanten van de moslims verdrinken in haatgevoelens.’
‘Ahmadinedjad en zijn ideologische volgelingen misleiden zichzelf en de media. Ze zeggen dat dit congres, met als thema de ontkenning van de holocaust, tot doel had het historisch onderzoek verder te brengen en de westerse ontvankelijkheid voor vrije meningsuiting en onafhankelijk wetenschappelijk onderzoek op de proef te stellen. Waren de kwaadaardige, verachtelijke figuren op het congres – de Palestijnse advocaat Khaled Mahamied mocht er niet in van het Iraanse ministerie van buitenlandse zaken omdat hij Israëlisch staatsburger is – historici? Onder de deelnemers waren zes joden, orthodoxe rabbi’s uit Engeland, maar ook dat waren geen historici, noch ontkennen deze rabbi’s de holocaust; ze zijn alleen tegen het bestaan van de staat Israël vóór de komst van de Messias. Ahmadinedjad gebruikt ze als schaamlap om zijn eigen schande te bedekken, hij wil immers Israël van de kaart vegen.’
‘Er zijn politieke activisten die de jodenvernietiging weigeren te erkennen bij wijze van rechtvaardigheid, omdat de Palestijnen geen recht hebben op een onafhankelijke staat, maar ook zij doen dit als politiek activist en niet vermomd als onderzoekers of historici.
‘Op het congres stelde de Iraniër Moehammad Khaled, die een holocaustmuseum drijft met historische bewijzen voor de jodenvernietiging, een vraag aan alle moslims: ‘Is het een bedreiging voor jullie als jullie de historische waarheid van de holocaust accepteren?’
De Saoedische journalist Joesef al-Sweidan schreef op 17 december in de in Koeweit verschijnende krant Al-Siyassa over ‘de nieuwe extremistische nazi’s met tulbanden’, die zich er niet voor schaamden mee te doen aan een congres dat tot doel had ‘haat en propaganda te verbreiden en afzichtelijke misdaden te verdedigen’.
‘De vreemde uitlatingen van Manousjehr Mottaki, minister van buitenlandse zaken van Iran, waren lachwekkend en stuitend. Hij kenschetste dit racistische congres als ‘een platform voor geleerden die hun visie niet kunnen uiten in Europa’. Dat bewijst dat dit congres in feite een bijeenkomst van criminelen was, vijanden van de vrijheid, en mensen die de historische feiten verdraaien. Want Teheran is zoals iedereen weet niet bepaald een oase van vrijheid, democratie en pluralisme. Integendeel, en dat is ook waarom de Iraanse ambassade de advocaat en mensenrechtenactivist Khaled Kassab Mahamied geen visum wilde geven om dit neonazisymposium te bezoeken. Daardoor kon hij zijn standpunten niet naar voren brengen en de criminele, extremistische doeleinden van de organisatoren van dit haatcongres niet veroordelen.
‘De timing, bedoelingen en thema’s van het congres en de kwaadaardige, luidruchtige types die op het podium stonden, bevestigen volledig dat ‘Iran een strategisch gevaar vormt voor het hele Midden-Oosten’, in de woorden van de Engelse premier Tony Blair. Die bedreiging wordt beschamend duidelijk aangezien Iran chaos veroorzaakt en geweld en terreur exporteert via zijn bedienden, afgevaardigden en bondgenoten, zoals de gewapende milities en de overblijfselen van Saddam Hoesseins leger, de salafisten in Irak die anderen van ketterij beschuldigen, Hizb’Allah in Libanon en de Islamitische Djihaad in Gaza en op de Westoever.
‘De tulbandextremisten en terroristen dreigen onophoudelijk met hun raketten en het Iraanse kernwapenprogramma. Ze roepen op tot uitroeiing van de joden en willen Israël van de kaart vegen. Ze verspreiden het zielige waandenkbeeld dat ‘Israël spoedig zal verdwijnen, net als de Sowjetunie’.
‘De studenten uit Teheran reageerden deze keer opvallend moedig en weigerden zich te laten meeslepen door de valse slogan ‘dood aan Amerika en Israël’. In plaats daarvan schreeuwden ze ‘dood aan de dictator’, ze verbrandden een portret van Ahmadinedjad en onderbraken zijn toespraak.’
Op dezelfde dag schreef de Koeweitse journalist dr Khaled Al-Janfawi in Al-Siyassa: ‘Een congres wijden aan het ontkennen van de holocaust getuigt van een gebrek aan menselijkheid en culturele gevoeligheid dat kan leiden tot haat tussen mensen. Wij moslims moeten humaan denken en morele gevoeligheid tonen als we een positieve kracht willen zijn in een wereld waar etnische en religieuze conflicten niet langer worden getolereerd. We moeten afstand nemen van alles dat conflicten tussen mensen veroorzaakt.
‘Deze conferentie is olie op het vuur. Sommige deelnemers waren agitators en anderen waren betrokken bij racistische discriminatie tegen minderheden als zwarten in de Verenigde Staten.’ (Vermoedelijk doelde hij op de Amerikaanse blanke racist David Duke, die ook aanwezig was op het congres.)
De hervormingsgezinde Engelstalige website Middle East Transparent haalde Ayaan Hirsi Ali aan: ‘De wereld moet keer op keer geïnformeerd worden over de holocaust’ en citeerde uit een recent stuk van haar, dat op 29 december ook verscheen op Der Spiegel Online: ‘Westerse leiders van vandaag die zeggen dat ze geschokt zijn door het congres van president Mahmoed Ahmadinedjad van Iran over het ontkennen van de holocaust moeten wakker worden. Voor de meeste moslims, waar ook ter wereld, is de holocaust geen belangrijke historische gebeurtenis die ze ontkennen; ze weten er eenvoudig niks van omdat ze er nooit iets over hebben gehoord. Erger nog, de meesten van ons zijn opgevoed met de wens dat de joden worden uitgeroeid.
‘Ik vraag me af: waarom is er geen tegenconferentie in Riyaadh, Caïro, Lahore, Khartoem of Djakarta die Ahmadinedjad veroordeelt? Waarom zwijgen de organisatoren van dit congres in Teheran?
‘Misschien is het antwoord even simpel als afschuwelijk: generaties lang hebben de leiders van die zogenaamde moslimlanden hun bevolking met de paplepel een propagandadieet ingegoten, vergelijkbaar met de propaganda die generaties Duitsers en andere Europeanen opgedist kregen: dat joden ongedierte zijn en ook zo behandeld moeten worden. In Europa leidde dat tot de holocaust.
‘Wat de wereld nodig heeft, zijn bijeenkomsten waar liefde en begrip tussen culturen wordt bepleit en antiracismecampagnes. Maar nog dringender moet de wereld keer op keer worden geïnformeerd over de holocaust. Niet alleen in het belang van de joden die de holocaust overleefden en hun nazaten, maar in het belang van de hele mensheid.
‘Misschien moeten we als eerste de islamitische liefdadigheid aanpakken, die is gelardeerd met jodenhaat. Westerse en christelijke liefdadigheidsorganisaties in de Derde Wereld moeten de taak op zich nemen moslims en niet-moslims hierin te onderwijzen.’
De Iraanse website Baztab, verbonden aan de conservatieve politicus Mosen Rezai, publiceerde op 19 december een redactioneel commentaar met kritiek op Ahmadinadjad. De strekking: noch Khomeini, noch Khamenei heeft ooit de holocaust ontkend.
‘Zelfs al is holocaustontkenning een verschijnsel dat al meer dan 60 jaar bestaat, de revolutionaire sjiïtische geestelijkheid en intellectuelen van voor de Islamitische Revolutie hebben de waarheid van de holocaust nooit ontkend. Misschien verwachtten de volgelingen van ayatollah Roeholla Khomeini dat hij de holocaust zou noemen in zijn geschriften of toespraken, maar dat is niet het geval.
‘Na de overwinning van de Islamitische Revolutie hadden de regeringen tijdens het bewind van Khomeini de holocaust kunnen ontkennen en dat had ook kunnen gebeuren tijdens de 18 jaar dat president Ali Khamenei aan de macht was. Maar ondanks hun toewijding aan de Palestijnse zaak en de strijd tegen Israël hebben deze regeringen de holocaust nooit direct of indirect ontkend. Integendeel, geen enkele overheidsinstelling, met inbegrip van het ministerie van buitenlandse zaken, de islamitische da’wa-organisatie, de organisatie voor islamitische culturele relaties en het departement van wetenschap, heeft nooit de opdracht gekregen dit te doen.
‘In deze kwestie zouden de hoofden en gekozen leiders van de staat het officiële beleid van het regime moeten scheiden van hun persoonlijke opvattingen en ze zouden Iran niet moeten opzadelen met problematische standpunten die het land duur kunnen komen te staan en een beslissende invloed kunnen hebben op nationale kwesties als het kernenergiedossier.’
16 januari 2007
Gepubliceerd op 17.01.07 @ 02:24 PM
















